REISVERSLAG MADAGASCAR 2003 periode 24.09.03- 17.10.2003
Woensdag 24 september
Het vliegtuig vertrok om 7.45u en met een tussenstop in Parijs landden we 10 uur later en 8755 km van huis op het vliegveld in Tana. Dit is de hoofdstad van Madagascar en de stad heet officieel Antananarivo maar wordt in de volksmond afgekort tot Tana.
Het was klam en het regende toen we uit het vliegtuig stapten.
Bij de douane moesten we nog een visumformulier invullen en het duurde een eeuwigheid voordat iedereen door de paspoortcontrole was. Iedereen viel onderhand om van de slaap want het was toen toch al na middernacht. Onze reisleider Michiel wees ons de bus aan waar de bagage bovenop moest. Na 5 minuten kwamen we aan bij het hotel, snel douchen en gaan slapen. De groep bestaat uit 18 personen.
Donderdag 25 september
Omdat het hier overal heel veel tijd kost om geld te wisselen heeft Sawadee afspraken gemaakt met een plaatselijke agent dat er voldoende contant geld is zodat iedereen al bij het ontbijt bij hem € 500 kan wisselen. Daarvoor krijg je 3.425.000 Malagasy Francs.
Een enorm pak geld maar wel heel mooi geld. Iedereen heeft een uitpuilende geldbuidel, geen gezicht. Vandaag was vooral een reisdag. Bij de lunchplek kon je naar een museum met gedroogde insekten en vlinders maar wij zien ze toch liever levend.
Na de lunch was het nog 2 uur rijden naar Antsirabe. Onderweg vandaag konden we goed merken dat dit eiland een smeltkroes is van mensen/rassen. Het ene moment waan je je in Oost-Azië, het ander moment zit je voor je gevoel in Afrika en dan lijken de mensen weer uit Zuid-Amerika te komen. Heel apart om te zien. Langs de weg heel veel christusdoorns; een stekelige struik met bloedrode bloem, een prachtig gezicht! Veel dennenbomen maar ook hier en daar bamboe.
De meeste huizen zijn uit stenen opgebouwd en daarna met klei ingesmeerd. Ze zien er bijna allemaal hetzelfde uit met in het midden van de voorgevel een deur met aan beide kanten daarvan een raam en op de 2e verdieping op dezelfde afstand ook weer ramen. Opvallend is dat veel mensen op de 2e verdieping in hun huis zitten. Dat is blijkbaar het leefgedeelte.
In Tana staan trouwens heel veel houten, koloniale huizen met balkons die ons overigens niet erg veilig lijken. In de stad zijn ook centrale waterplaatsen waar mensen hun water halen. Wel heel schone straten, opvallend weinig rommel. Buiten de stad gaan de vrouwen bij de rivier de was doen en leggen het dan ter plekke te drogen, een heel kleurrijk gezicht.
In Antsirabe zitten we in een goed hotel in het centrum. Veel pousse-pousses hier; een karretje op 2 wielen met overkapping wat door een man/jongen wordt voortgetrokken als jij er prinsheerlijk op zit. In feite hetzelfde als de Indische riksja. Als ze klanten hebben rennen ze echt als een gek door de straten, zonder klanten doen ze het rustig aan.
In dit hotel hebben we gelukkig wel een beter bed, we blijven hier 2 nachten.
Vanavond hebben we met de hele groep in het restaurant van het hotel gegeten; Chinese keuken en erg lekker!
Vrijdag 26 september
Ik sliep nog erg vast toen Arthur me wakker maakte. Na het ontbijt reden we naar Lac Tritriva. De laatste 400 meter gingen we wandelen. Het Lac (meer) is een kratermeer in een “ovale” vorm wat ook vergeleken wordt met de vorm van het land. Er is een wandelpad rondom het meer wat we in ongeveer een uur lopen. Hele mooie steile rotswanden en hele groene begroeiing. Dit meer heeft ook een verhaal; “een rijke jongen en een arm meisje mochten van hun ouders niet trouwen. Ze zijn toen in het meer gegooid of gesprongen en verdronken. Sindsdien zijn 2 bomen op de oever in elkaar gaan groeien zonder dat daar een mensenhand aan te pas is gekomen. Als je een snee maakt in de bast komt er bloed uit”.
Het bijzondere aan dit meer is dat als het geregend heeft, het waterpeil zakt en bij droogte stijgt het waterpeil juist omdat dit meer in verbinding staat met een ander (ondergronds) meer. Het is in ieder geval heel vreemd.
De bedoeling was om na het bezoek aan dit meer nog een dorpje te bezoeken maar we kregen onverwacht te horen dat er een lijkherbegraving in de buurt zal plaatsvinden. Dit is typisch iets van Madagaskar en gaat als volgt: als iemand overlijdt in de familie wordt het lijk in doeken gewikkeld en in een grote graftombe bij andere overledenen gelegd. Het zijn gemetselde tombes in het vierkant. Na 2 jaar (of zodra er genoeg geld is gespaard) wordt de laatst overledene + andere oudere lijken uit de tombe gehaald en in nieuwe doeken gewikkeld en daarna weer teruggelegd in de tombe. Dit wordt iedere zoveel jaar herhaald. Best bizar maar het leven en de dood gaat hier heel erg samen en dood is voor de mensen hier geen einde maar juist het erbij blijven horen.
We konden dus vanmiddag zo’n ceremonie van dichtbij meemaken. Het meest verrassende was dat er in het dorp flink gefeest werd met dans en muziek, er was dus net gisteren of vandaag iemand overleden. Toen de stoet zich opmaakte om naar de tombe te gaan bleek het te gaan om een baby die was overleden. Dat doet je toch wel wat hoor. Er werd ook een grotere kist gedragen. Als toerist mag je hier gewoon bij zijn en je mag alles filmen en fotograferen, ze vinden het juist goed dat je dat doet zodat anderen kunnen zien hoe de cultuur is hier.
Bij aankomst bij de graftombe werd muziek gemaakt op trommels en trompetten en de naaste familie danst dan rondom het “verse” lijk.
Na een hele tijd dansen en muziek maken werd de tombe geopend en er werden wel 8 lijken uitgehaald. Die werden in rieten matten gewikkeld en door de menigte boven de hoofden gedragen en daarna op de grond gelegd zodat ze in nieuwe doeken gewikkeld konden worden. Ze halen er trouwens de oude doeken niet af, dus je ziet niet echt een lijk of skelet. De doeken waar ze deze lijken opnieuw in wikkelen zijn van pure zijde en erg duur. Daarom duurt het vaak lang voordat ze genoeg geld hebben om doeken te kopen. Het rare is dat op het moment dat de oude lijken uit de tombe gehaald worden, de mensen wel erg emotioneel worden. Het babylijkje werd op dat van de moeder gelegd en ze werden samen ingewikkeld. Arthur is ook in de tombe geweest en er liggen volgens hem wel rond de 35 lijken allemaal per 7 ongeveer op elkaar gestapeld en op de wikkels staat de naam geschreven zodat ze de volgende keer weten wie een nieuwe doek moet krijgen. Ondanks deze bizarre belevenis vonden we het toch interessant want het hoort tenslotte bij de cultuur van het land en daar maken we toch deze reizen (ook) voor.
We waren laat in de middag terug in de stad en hebben tegenover het hotel bij het postkantoor ge-internet. Een kort verslagje gestuurd maar de p.c. was erg traag en ze hebben hier AZERTY-toetsenborden, de Franse versie waardoor je constant de verkeerde toetsen gebruikt.
Zaterdag 27 september
Weer prima geslapen. Hoewel we aan de straatkant sliepen hadden we in het geheel geen last van geluid van buiten. Voordat we ontbijten moeten we altijd de grote tassen op de bus laden.
Als eerste reden we naar de markt. Die was heel groot en ze verkopen er echt van alles; er zijn afdelingen groente/fruit, vlees, textiel, meubels, rieten manden en hoeden en nog veel meer. We zagen dat grote tractor- of vrachtwagenbanden in repen werden gesneden waar ze dan weer sandalen van maken, onverslijtbaar dus. Na het marktbezoek reden we naar Ambositra. Het landschap is hier een stuk ruiger en bergachtig met heel grote rotsblokken tegen de hellingen en veel minder bewoning. Bij een grote rivier zijn we even gestopt om de benen te strekken.
Net voor13.00u waren we in Ambositra.
Het hotel (Violette) is erg mooi. Het bed iets minder dan in Antsirabe. Wel ook erg lekker eten hier. Vanaf het balkongedeelte van het restaurant uitzicht op de rijstvelden waar een aantal mannen bezig waren de zware kleigrond om te spitten. Na een regenbui zijn we naar het dorp gegaan. Op zich niet veel te zien maar wel lekker om weer even te lopen nadat je toch veel in de bus zit .
In het dorp naar een kleine markt geweest en we zijn in een kerk geweest waar net een dubbele trouwerij aan de gang was. De mensen hier zijn geen toeristen gewend, dat merk je zo want je wordt overal aangekeken en nagekeken. Kan ook komen door de lengte van Arthur. Met name kinderen komen vaak naast hem lopen en beginnen dan te lachen als ze naar hem opkijken. De mensen zijn hier wel erg vriendelijk en open. Ook niet cameraschuw dus foto’s maken lukt hier volop en ze bedelen dan niet eens om geld. Dat hebben we ook veel anders meegemaakt in andere landen.
We gingen langs een andere route terug naar het hotel. Met een paar mensen uit de groep op het terras van het hotel gezeten.
Zondag 28 september
Vandaag was weer vooral reisdag, de afstanden zijn hier enorm. We hadden lunchpakketten meegenomen die we onderweg langs de kant van de weg opaten. Een beetje regen gehad en stukken onverharde, slechte weg. Om 15.30u kwamen we aan in Ranomafana. Dit is het eerste Nationale Park (regenwoud) wat we aandoen. Hele leuke bungalowtjes waar we slapen, aan de rivier. Na een snelle hap bracht het busje ons naar het park. Daar gingen we met 2 gidsen het park in. Er zijn voederplekken in het woud en daar zagen we meteen al 3 civetkatten en een paar microcebus, de kleinste lemuren (ook muislemuur genoemd).
Maandag 29 september
Om 8 uur werden we weer naar het park gebracht. Daar splitsten we op in 3 groepen. De eerste groep ging 2 uur wandelen en de overige 2 groepen gingen voor de lange wandeling van 5 uur. Al snel zagen we de kleinste kameleon ter wereld, wel een saaie bruine kleur. Daarna zagen we 2 greater bamboelemuren. Die konden we tot op korte afstand benaderen. Daarna de brown-red-front lemuur, slapend in een boom, een zwart-witte lemur. Ook nog een iets grotere kameleon gezien, ook een bruine. Bij een uitkijkpunt zagen we een aantal gifgroene gekko’s, heel mooi met rode stippen op hun rug. En een slang gezien.
Op een bepaald moment kwamen we bij een waterval, echt prachtig! Daar hebben we onze lunch genuttigd. Toen was het nog 1,5 uur terug naar het hotel. We zijn even door het dorpje gelopen.
We hebben even staan kijken bij kinderen die een spelletje deden wat we ook mensen in Kenia zagen doen. In een uitgeholde soort boomstam zijn vakjes gemaakt waar ze een soort nootjes in doen die steeds weer uit het ene vakje gehaald worden en in een ander vakje gelegd worden. Niet te snappen. We hebben nog bij de rivier staan kijken hoe 3 vrouwen/meisjes naar de overkant waadden en daar dan grote trossen bananen ophaalden.
Arthur heeft al een T-shirt en een overhemd aan 2 mannen gegeven die bij de rivier zaten.
Dinsdag 30 september
Vandaag vertrokken we naar Amalavao. Het eerste gedeelte van de weg was dezelfde onverharde kuilenweg als gisteren. Op een ingezakt stuk weg lag een vrachtwagen vol bananen in de berm. Krijg die maar weer op zijn wielen!
Het was een hele hobbelige tocht en je doet relatief erg lang over een in km’s korte afstand. Wel hele mooie uitzichten onderweg.
We lunchten in Fianarantsoa waar internet was maar dat was zo traag dat we alleen de inkomende post hebben bekeken. Er was op een pleintje hier in de stad een man die opeens met 4 kameleons aan kwam zetten. Hij zette die in de bomen zodat we ze goed konden bekijken en op film/foto konden krijgen. Er was ook een klein ventje van een jaar of 4 die steeds Arthur zijn hand vastpakte. Na de zoveelste keer trok hij Arthur mee naar een vrouw die iets verder op zat. De moeder van het kind wellicht? Wat de bedoeling was, werd niet echt duidelijk maar raden kan je het wel. Helaas, hij is al bezet.
Na weer verder te zijn gereden stopten we onderweg bij een plaats waarvandaan de afbeelding was gemaakt op een briefje van 500 MGF. Onderweg veel mooie uitzichten, onder andere op het Adringe-gebergte. In Ambalavao hebben we hele mooie, luxe kamers. Wat dat betreft valt alles nog erg mee. In dit gebied wordt wijn geproduceerd maar de oogst van de druiven begint pas in oktober. We besluiten zelf een wijnproeverij te houden en kochten 2 flessen rode en 1 fles witte wijn. Het was erg gezellig. Toen het donker werd kregen een aantal mensen les in sterrenkunde van Michiel. Hij weet er echt een heleboel van. Ook hier koelt het ’s avonds erg af. Toen we vanavond gingen douchen, ontdekten we een kikker op het raam in de badkamer.
Woensdag 1 oktober
Vandaag reden we eerst naar de zeboemarkt. Het was niet erg indrukwekkend maar we werden hier gdropt omdat Michiel en Pascal boodschappen moesten inslaan voor de 2 dagen in Andringita. Dat boodschappen doen kost hier iets meer tijd dan bij ons en na snel de zeboe’s op de markt bekeken te hebben, amuseerden we ons met een stel kinderen die om ons heen liepen te joelen. Er was een meisje van ongeveer 9 jaar, Sièra, die had ik zo mee naar huis willen nemen. Wat een schat en wat een pienter kind was dat.
Gisteren hadden we Michiel opgenaaid dat hij kippen moest kopen, die zouden we dan wel zelf slachten. En jawel hoor, toen ze terugkwamen met de boodschappen stond er een mand op het dak met 9 kippen! Grappig gezicht, alleen Anita vond het zielig.
We reden verder door erg droog landschap met vooral granietrotsen. We moesten regelmatig een soort tol betalen. We hadden van de overnachtingplaats dit keer echt niets verwacht maar het was weer super!
De mensen uit dit dorpje hebben zich allemaal op het grasveld geïnstalleerd met dekens om zich heen want ook hier koelt het sterk af.
Binnen is de kachel c.q open haard aangemaakt maar omdat ze hier geen rookkanaal hebben slaat de rook helemaal naar binnen. Iedereen zit na 5 minuten met rode branderige ogen en de deur en ramen gaan open.
We krijgen te eten; macaroni met uien en een beetje tomatenketchup, aardappelen met schijfjes wortel en erwtjes erdoor en dan nog rode bonen met maïs. Het is een combinatie die je zelf niet zou verzinnen maar het smaakte toch erg goed.
Donderdag 2 oktober
Er was bij het ontbijt niet erg veel broodbeleg maar ja, het was voor Michiel ook maar inschatten wat nodig was en dus nemen we het hem niet kwalijk.
Om 7.15u ging onze groep (wij, Renie en Gerben, Anita en Ton, José, Norbert, Rony, Annette en Michiel) op pad. Eerst liepen we 1,5 uur naar de ingang van het N.P. Het is vrij steil en omdat het tempo ook vrij hoog lag, speelde mijn knie flink op. Vanaf de ingang van het park hebben we in 3,5 uur een lus gelopen.
Het was een mooie wandeling met prachtige utzichten over de vallei en de granietrotsen. Soms liepen we door een stukje bos en dat was wel lekker want het was behoorlijk heet vandaag. In een dorpje op de terugweg kochten we 2 ananassen. Dat leverde verwarring op want ik vroeg hoeveel een ananas kostte; 3000 mgf. Oké, er lagen er 2 dus we gaven 6000 mgf maar toen we de ananassen pakten gaven ze weer 3000 terug. We snapten er niets meer van. 6000 mgf is nog niet eens 1 euro dus we lieten het maar zo. Ze keken wel erg vreemd. Later toen we weer bij de gîte kwamen, bleken anderen van de groep dus 2 ananassen te hebben gekocht voor 3000 mgf. Toen snapten we het wel. Vanochtend hebben ze de kippen geslacht die gisteren gekocht waren. Als avondeten kregen we dus rijst met kip en champignons. Er was intussen volop commotie ontstaan. Een groep van 9 Belgen en een groep mensen van WWF kwamen aan en toen bleek dat alle kamers dubbel overboekt waren. Waarschijnlijk hadden ze niet goed opgeschreven dat wij 2 nachten bleven. Uiteindelijk besloot de WWF-groep in tenten te gaan slapen en de Belgen konden met een paar in de kamer van Michiel, die kwam bij ons op de kamer. De andere Belgen gingen in de “huiskamer” liggen.
Toen kregen we ook nog te horen dat er een feest gegeven werd vanavond en een grote muziekinstallatie stond al klaar (vlak onder onze slaapzaal!).
Dat wordt “gezellig”, we moeten morgen om 5 uur op.
Na het eten en de koffie gingen we naar boven. Toen Gerben en Renie later kwamen bleek het feest toch ergens anders plaats te gaan vinden, in een ander dorp. Oef, hebben we toch nog een redelijke nacht voor de boeg.
Vrijdag 3 oktober
We moesten er al om 5 uur uit. Het was erg koud en mistig wat wel een heel mysterieus effect gaf. Na 2,5 uur rijden waren we weer bij het hotel in Ambalavao en daar konden we ontbijten. Na het ontbijt reden we ½ uurtje naar een klein park waar we lemuren en ringstaartmaki’s zagen van heel dichtbij. Er was een vrouwtje met een jong en die beet opeens in mijn schouder. Gelukkig had ze alleen mijn T-shirt te pakken en niet mijn vel. Een stuk verderop zouden mogelijk nog een andere soort zitten maar die waren niet thuis.
De rest van de dag was alleen maar rijden. Na de lunch moesten we nog 2,5 uur waarvan 40 km over onverharde weg. Van het ene op het andere moment waren we de bergen uit en was het landschap erg vlak en vrij dor met alleen hier en daar een boompje. Wel raar als je een paar dagen alleen bergen hebt gezien. We kwamen wel veel zeboedrijvers tegen van de Bara-stam.
Laat in de middag kamen we aan in het Isalopark waar we 2 nachten blijven. Ook hier weer schitterende accommodatie. In een soort cirkel staan allemaal losse huisjes die er erg netjes uitzien. Alleen gaat pas om 18.00 u de stroom aan. We hebben bij kaarslicht gedoucht en de was gedaan.
Toen we voor het eten even naar de andere huisjes liepen zagen we bijna iedereen bij elkaar zitten met een paar flessen wijn en een paar bussen pringles. Toen vertelde Michiel dat hij vandaag jarig is. Daar moest natuurlijk op gedronken worden.
We aten hier in het restaurant. Omdat ik bij de lunch al steak had nam ik nu kip maar daar had ik gelijk spijt van. Arthur had wel steak besteld en die was erg lekker. We hebben met de hele groep een T-shirt voor Michiel gekocht en bij de kok hadden we eerder, toen we hoorden dat hij jarig was, een taart besteld. Het was erg geslaagd.
Zaterdag 4 oktober
Het Isalopark is heel erg ruig met enorme kale granieten bulten. Het is een heel groot gebied met rotsen en canyons en er zijn verschillende wandelroutes. De keus is een lange tocht van 6 à 7 uur of 2 korte wandelingen. Omdat het hier bloedheet is overdag besluiten we de 2 korte routes te doen. Eerst werden we met het busje naar de ingang van het park gebracht. Vanaf daar liepen we naar de Canyon des Singes. Op de heenweg zagen we nog ringstaartmaki’s en sifaka’s met jonkies. Die waren erg levendig. Daarna een stuk de kloof in naar een klein meertje (doorsnee 3 meter) met erg helder water. In de regentijd is dit dus ook een waterval. Door het water is het erg groen hier. Een schitterend, idyllisch plekje. Na 2,5- 3 uur waren we terug bij de ingang waar Pascal wachtte. Hij bracht ons naar het dorp waar we gingen lunchen; rivierkreeftjes, lekker vers. Na de lunch werden we door Pascal naar een ander punt in het park gebracht en vanaf daar liepen we in ongeveer 2 uur naar de Piscine Naturelle, een zwembad met kristalhelder water en omringd door tropische begroeiing, een waar paradijsje. Onderweg daarheen zagen we rotsgraven. Hier worden mensen in eerste instantie tijdelijk in een grot begraven en na 2 jaar worden ze er dan weer uitgehaald (alleen de botten dan nog). Ze worden dan meegenomen naar het dorp zodat iedereen ze weer eens kan “zien” en er wordt 2 dagen gefeest en dan worden ze in een andere grot herbegraven. Die plek is dan altijd op een hoger punt in de rotsen. Na de herbegrafenis hebben ze dan de rust.
We zagen in deze woestenij ook nog wat “leven” in de vorm van een hele mooie plant, de olifantsvoet die ook nog in bloei stond.
Bij de Piscine Naturelle kwamen we de andere groep tegen die de lange tocht had gelopen. Het was heel zwaar geweest en Gerben was de hele dag ziek geweest. ’t Zal zeker geen pretje zijn geweest in die vreselijke hitte. We hebben wel even lekker gezwommen in het hele koude water van het Piscine Naturelle.
Zondag 5 oktober
Om 7 uur vertrokkene we naar Ifaty. Na eerst 4 uur rijden door een wisselend landschap met de eerste echte baobabs, kwamen we in Tuléar waar we gingen lunchen. Omdat het zondag is zijn alle winkels gesloten maar ook alle internetcafé’s en restaurants. Uiteindelijk vonden we een Indiaans-Pakistaans restaurant waar we erg lekker hebben gegeten al duurde het lang voordat we het eten kregen. In de keuken stikte het van de vliegen. Als je weet dat ze voor 20 mensen op een 2-pitsgasstel en 3 houtskoolvuurtjes alles moeten klaarmaken is dat toch knap. De w.c. was erg smerig maar ja wat moet dat moet.
Na de lunch was het nog 1,5 uur over slechte weg. Het leek of je gewoon heel die tijd door de duinen reed. De mensen zijn hier niet zo vriendelijk, ze zijn ook aanzienlijk armer en dat zie je ook aan de hele kleine hutjes waar ze wonen.
Het landschap is hier vrij saai tot we aan de kust kwamen, daar werd het weer groener. Hier groeien ook spinbomen, erg apart. Ook hier hebben we weer hele leuke bungalowtjes op het strand! Een zwembad erbij waar we meteen met zijn allen indoken.
Vanavond was er een buffet met bijna alleen maar schelpdieren en een geit hing aan ’t spit.
Er was ook zee-egel te eten. Vis en geit waren helaas niet goed gaar.
Er kwam een dansgroepje met een “orkest” die op zelfgemaakte gitaren speelde. Niet te geloven maar er kwam toch muziek uit. Er stonden 2 kleine meisjes van ongeveer 4 en 6 jaar ook mee te dansen, schudden met die kontjes, erg grappig om te zien.
Maandag 6 oktober
Ik had gisteren besloten een boottochtje te maken met een traditionele boot. We zouden dan naar een vissersdorpje gaan en ergens gaan lunchen en tussendoor snorkelen. Vanochtend bij het ontbijt zei Michiel dat deze trip tot 15.00u zou duren en dat vind ik toch wel lang. Uiteindelijk hebben we het zo geregeld dat ik met de duikers meega. Ik kon zo wel Arthur filmen met zijn duikuitrusting. Ze bleven zo’n 40 minuten onder water. Ze vonden het erg mooi en heel leuk. Ton en Anita zijn ervaren duikers en zij gingen op eigen houtje. Intussen waren een aantal anderen van de groep in 2 traditionele bootjes aangekomen om te snorkelen. Ze waren helemaal nat en ook hun rugzakken (met camera’s) bleven niet droog. De rest van de dag hebben we aan het zwembad gelegen. Allebei een lekkere massage genomen. Daarna hebben we nog een wandeling gemaakt in de omgeving en foto’s gemaakt van de spinbomen, baobabs en agaves. ’s Avonds hebben we lekker kreeft zitten eten. Dat kost hier bijna niets en het was ontzettend lekker klaargemaakt.
Dinsdag 7 oktober
Na het ontbijt werden we weer naar Tuléar gebracht met een busje van het Bambooclub-resort. Onze chauffeur racete goed door en we zaten flink heen en weer te hotsen in het busje. We hadden tussendoor even tijd om te internetten. Daarna gingen we biefstuk eten bij Maharadja waar we eergisteren ook aten, dat was erg goed.
Om 14.30u ging onze vlucht naar Tana, met een korte tussenstop in Fort Dauphin. Toen we rond 18.00u in Tana aankwamen stond Pascal ons op te wachten, helemaal blij ons weer te zien. Hij had voor iedereen een broodje besteld omdat hij natuurlijk niet wist dat wij zelf al voor eten hadden gezorgd. Vanaf Tana reden we in 4 uur naar Périnet maar het was een drama. File na file dus het duurde een eeuwigheid voordat we de stad uitwaren. Toen we in Périnet aankwamen hebben een paar mensen nog soep gegeten maar de rest ging gelijk slapen. Er hing in onze chalet een vreselijke rioollucht, niet te harden. Blijkbaar was er heel lang niemand meer geweest om het toilet door te spoelen waardoor die lucht dan weer naar boven komt. Het eigenlijke hotel/restaurant is een oud stationsgebouw. Treinen rijden hier niet meer hoewel ze het spoor wel weer willen gaan opknappen begrepen we.
Woensdag 8 oktober
Aanvankelijk zou ik de wandeling van 4 uur mee doen maar ik besloot toch die van 2 uur te doen samen met Francis en Frank. Al heel snel zagen we een grijze kameleon. Op een bepaald moment hoorden we een heel apart hard geluid als van een soort sirene. Dat waren dus de Indri Indri die hun territorium op die manier bewaken, het geluid gaat door merg en been. We konden ze wel goed zien in de bomen en omdat Arthur niet mee was heb ik zelf gefilmd. We maakten een heel mooie wandeling over vlak terrein en zagen nog bruine lemuren, vogeltjes en een giraftorretje, een mooie groene kameleon en verder was de looproute op zich al heel mooi. Een paar soorten orchideeën gezien maar de meeste soorten bloeien pas na december, na de regentijd. Uiteindelijk hebben we toch nog 4 uur gelopen en om 12.30u waren we terug bij het hotel. ’s Avonds toen het al donker was zijn we met 2 gidsen nog een wandeling gaan maken van ongeveer 2 uur. gidsen zien zelfs in het donker op afstand de kleinste kameleons. Op een moment scheen hij met zijn lamp in een boom op 2 meter hoogte op een wandelende tak. We verdenken hem ervan dat een collega er die net van tevoren had neergezet.
Donderdag 9 oktober
Bij 2 andere stellen zat vannacht dachten ze een rat op de kamer. Gelukkig hadden wij geen etenswaren op de kamer. (later bleek het trouwens geen rat te zijn geweest maar een muislemuurtje, die zijn gek op bananen).
We hebben nog een uur in het park naar de Indri Indri gezocht en gevonden, speciaal voor diegenen die gisteren niet mee konden omdat ze te ziek waren. Arthur heeft nu ook toch zelf nog het geluid kunnen horen en kunnen filmen.
Vanaf Périnet was het nog 4 uur rijden naar Tana. Toen we deze weg eergisteren reden was het al donker maar nu zagen we hoe mooi groen het hier is. In Tana was het weer een drukte van jewelste en uiteindelijk waren we om 12.15 u op de luchthaven.
Daar hebben we nu definitief afscheid genomen van Pascal. Tot onze verbazing gingen we met een propellervliegtuigje. We vlogen 2 uur met mooie uitzichten op de bergmassieven. Het laatste gedeelte ging over de Amberbergen waar we ook nog heen gaan.
We werden bij het vliegveld opgehaald met een 7-persoonsbusje en drie 4-wheeldrives.We reden eerst voor ons gevoel regelrecht de krottenwijken van Diego Suarez in.
Hier zijn de huisjes bijna allemaal van zinken platen in elkaar geknutseld. Het ziet er erg armoedig uit. Op een moment kwamen we bij de kustweg. Mooi uitzicht op een suikerbroodberg en mangrove. We hebben weer een prachtige accommodatie; erg luxe en net nieuw gebouwd. Allemaal aparte chaletjes, de houten vloer ruikt nog naar boenwas. Leuk aangelegde paden met allemaal kleurige bloeiende struiken. Bouganville in diverse kleuren en magnolia’s. Een heel mooi zwembad erbij en mooi uitzicht op de baai. Het hotel heet ook “Panorama” en doet zijn naam eer aan. We kregen een pina colada als welkomstdrankje. We hebben wel snel in de gaten dat het hier bijna 2x zo duur is als op andere plaatsen. Maar ja, dat komt omdat het Westerse eigenaren zijn van dit complex. Morgen doen we lekker lui.
Vrijdag 10 oktober
Vanochtend zijn we even naar de stad gegaan en de rest van de middag bij het zwembad gelegen. Omdat we bij de lunch een lekker drankje hadden (carrossol), vroegen we of ze het in het hotel ook hadden. Smaakt lekker fris.
Zaterdag 11 oktober
We konden het vanochtend rustig aan doen want we gingen pas om 09.00u weg. Er zijn 4 jeeps en een busje. Alle bagage ingeladen en op het dak en toen in konvooi naar de stad om bij het boekingskantoor de gidsen op te halen voor de Amberbergen. Toen we ½ uur aan ’t rijden waren kwamen we bij een controlepost en daar begonnen de problemen. Blijkbaar waren niet alle papieren van de auto’s in orde want onze chauffeur stapte weer in, keerde en scheurde terug naar de stad. Na ruim 2 uur rijden kwamen we aan bij het Amberbergen N.P. (Parc National Montagne ‘d Ambre) waar we het laatste stukje naar de camping wandelden. ’s Middags maakten we een wandeling van 4 uur. We zagen al snel een mangoest, daarna camouflagegekko’s die tegen de boomstam aangeplakt zitten en die je dus echt bijna niet kan zien! Heel bijzonder. Ook verschillende lemuren gezien en we zijn even naar een uitkijkpost gelopen van waaraf je mooi zicht hebt op een waterval met daaromheen heel veel groen. Bij terugkomst waren de tenten al opgezet. Het koelt hier ’s avonds wel erg af. Het koelde ’s avonds wel heel erg af. Wij hadden als enigen de slaapzakken mee en daar was iedereen wel jaloers op.
Zondag 12 oktober
Na het ontbijt liepen we nog even naar een klein meertje. Het is een “heilig” meer wat betekent dat je er niet in mag zwemmen maar dat is hier bijna overal.
De auto’s werden ingeladen en toen konden we vertrekken naar een andere camping in het Ambergebergte. Daar kwamen we tegen de middag aan en gingen in 2 groepen wandelen naar een grot. Het was een heel mooie wandeling, goede paden en we zagen nog wat kameleons en lemuren en een mangoest. Vlakbij de grot gingen we eerst nog even een andere kant op naar de kleine Tsingy, dit zijn granietrotsen met hele eigenaardig uitgesleten venijnige puntjes. Heel apart, nog nooit eerder gezien. Vanaf daar was het nog 15 minuten via een erg steil paadje naar de grot. Die was veel groter dan we hadden verwacht en er zaten ontzettend veel, redelijk grote, vleermuizen. In een ander gedeelte waren druipstenen in heel mooie kleuren en vormen. De grot werd pas in 1990 toegankelijk voor publiek en wat het meest rare is; de druipstenen zijn “dood”. Dat wil zeggen dat er niets meer bij komt. Het was echt stikdonker en toen we buiten kwamen was het ook daar aardedonker. We moesten toen nog bijna 1,5 uur in het donker terug lopen naar de camping.
Maandag 13 oktober
Het was vannacht maar liefst 24 graden dus we hebben hier echt geen slaapzak nodig. Na het ontbijt werden we een stuk met de auto weggebracht waarna we aan de wandeling van vandaag begonnen. Het was zo’n 2 uur tot de rivier en onderweg zagen we weer lemuren, mangoesten en veel vogeltjes. Vanaf de rivier liepen we nog ½ uur naar het groene meer. Dat ligt heel mooi maar erg diep, best eng hoor. Er liepen lemuren vlakbij ons, 1 met een heel klein jonkie. Vanaf het meer was het nog ongeveer 20 minuten over lastig pad naar de grote Tsingy. Dit zijn ook puntige kalksteenrotsen maar dan over een veel groter gebied verspreid en de punten zijn ook veel grover en hier en daar zitten hele grote smalle kloven tussen. Het was wel bloedheet, je hebt op je huid allemaal zoutkristallen zitten van het zweet. Met flessen gevuld met water uit de rivier hebben we ons een beetje afgekoeld. Vlakbij ons zaten een heleboel lemuren, vandaag hebben we ze voor het eerst zo dichtbij gezien.
We hebben vandaag afscheid genomen van de gidsen.
Dinsdag 14 oktober
Gisterochtend kwam de bakker langs en kochten een paar mensen vers stokbrood. De rest kreeg “opgebakken” oud brood. Vanmorgen werd weer vers brood gekocht maar ook de kok had dit al gedaan en nu zaten we met een overschot aan vers stokbrood! In het bij de camping gelegen winkeltje kochten we smeerkaas en smeerden de overige stokbroden voor onderweg. Het was 4 uur rijden naar de haven van Ambanja. Onderweg nog 2 mooie kameleons gezien . Vanaf Ambanja werden we in ½ uur met 2 motorbootjes naar het eiland Nosy Be gebracht.
Daar aangekomen werden we met een paar taxi’s naar het hotel 10 km verderop gebracht. Dat was als afsluiter van de vakantie best een afknapper. Het hotel ligt aan het strand, wel een heel mooi strand maar in dit plaatsje is echt niets te beleven. We zijn wel een stuk over het strand gewandeld en zagen in het volgende dorpje veel leukere restaurantjes en meteen doken we een terras op en bekeken we de menukaart. Na het douchen zijn wij met Frank en Lucia teruggegaan naar dit restaurant en we bestelden allebei kreeft. Het was zoveel dat we het niet eens op konden en het kost hier echt zowat niets. We hadden net zo goed 1 kreeft met zijn 2-en kunnen nemen.
Woensdag 15 oktober
Na het ontbijt namen we met Wim en Elly een taxi naar de stad (Hell-Ville) 10 km verderop bij de haven. De ansichtkaarten hebben we bij het postkantoor afgegeven. Het duurde even voordat we het postkantoor vonden en uiteindelijk is een politieagent met ons meegelopen. De man achter het loket stempelde iedere kaart 3x af en een kracht dat hij daarbij gebruikte! Bovendien viel de stempel van ellende bij iedere 2 kaarten uit elkaar en die moest dan weer vastgezet worden. * later blijkt overigens geen enkele kaart ooit te zijn aangekomen!
Donderdag 16 oktober
Vanmorgen met de groep eerst per taxi naar de haven en vanaf daar met een bootje naar een klein eilandje gevaren. Daar konden we een paar uur snorkelen. Het was heel erg mooi, veel mooie gekleurde visjes; clownsvisjes, papagaaivissen, een hele school witte, bijna doorzichtige vissen (leken een beetje op neerkijkers). Ik durfde natuurlijk weer niet te ver dus bracht Arthur me terug naar de kant. Hijzelf ging weer terug en bleek achteraf achter een zeeschildpad gezwommen te hebben, jammer dus voor mij. Ik bleef iets dichter bij het strand en ook daar was het erg mooi.
Na de overheerlijke lunch voeren we naar een ander eilandje voor een wandeling. Na terugkomst op Nosey Be hebben we weer lekker met zijn 2-tjes bij Résidence-restaurant gegeten.
Vrijdag 17 oktober
Vanochtend het laatste Madagassische ontbijt waarna we de spullen hebben ingepakt en toen was het wachten tot we om 15.00u opgehaald werden om naar het vliegveld te gaan. De terugvlucht verliep zonder problemen.
Het was een ontzettend mooie reis.